Bron: FAW


Brief dd maandag 14 januari 1788 toegeschreven aan Mevr E.A, Weerts-Wentholt (1740-1820)

Verklaring:
  • uwen gast : zoon Jan
  • lank: Lang (Twents)
  • Heer Weerts in de polstraat : Zwager Johan zie index.


    
    1	                                      Den 14 JJanñ[uari] 1788	   
    		   
    	Wij genieten door Gods goedheid allen een redelijke	   
    	welstand. Verheugt mij over de Uwe en die van 	   
    5	Uwen gast. Het doet mij leet dat het gesondene	   
    	lekkers niet aangenaam was. Het was altans	   
    	geen restes van dese of gene visites. Also ik de	   
    	koek had laten halen om bij een borrel en	   
    	de moppen om de ledige hoekjes te vullen. Alle	   
    10	de tafelappels die besitten heb ik U gesonden dus	   
    	ook geen restes. Wist niet wat ik doen soude in	   
    	't mandje also ik geen linnen had omdat 	   
    	te vullen het hangt nat op solder. Hebben dat	   
    	vandaag opgehangen. Hier nevens 2 lange	   
    15	dassen der warm sullen sitten dog nog wat	   
    	stijf sijn also se nieuw bennen.	   
    	Het weer klaard op, de mist trekt weg. Hoop	   
    	Uw in een goed humeur op B[rinkgreve] te sien.	   
    	Maar was het niet goed dat J[an] ook mede kwam.	   
    20	Ik konde dan eens met hem over kleeren etc. spre[ken].	   
    	Sijn vertrek nadert. Ik heb het druk om alles	   
    	te besorgen. Heb geen brief van mijn lieve suster	   
    	gehad dus weet nog niet wanneer ik na Zutphen	   
    	ga. Ik moet derhalven mij haasten dog best	   
    25	sal sijn ik voor een dag of 2 weer over kome	   
    	om hem reijsveerdig te maken. Hierover samen	   
    	nader. Ik sal sien een bed daar heen te	   
    	brengen etc. dog dan moet Andries uit het huis 	   
    	slaapen. Nu dat moet sig alweer schikken.	   
    30	Wat is het een bitter omstandigheid voor een	   
    	vrouw daar alles op aan komt.	   
    	Heb 2 bedden na 't R[oss] gebracht met sijn toebehoren.	   
    		   
    	                                            blz. 2	   
    		   
    	hier nevens sende ik Uw in de sak een ham (x)	   
    	die mij [de] heer Fritser van dit somer vereerde	   
    35	en dan een stukje sprengvlees, mager al het	   
    	vetsul er af gesneden. Waar is dog dat sh.k ham	   
    	[ge]bleven. Ik konde daar nog eens pannekoek van	   
    	gebakken hebben. Het spijt mij dat geen snoek meer	   
    	kunt vangen dog sonder visjes is het er met op. I[k]	   
    40	wenste wel U e[dele] nu een ander tijtverdrijf had en dat 	   
    	uw de dag niet lank viel. Overlegt eens of het niet best	   
    	was dat J[an] ook op B[rinkgreve] kwam dog ik wil er niet in 	   
    	raden.	   
    	Het rekentje van de  mutse was bij abuis in de brief	   
    45	gekoomen also ik dat dien avond ontfing.	   
    	Ik diende wel copien van al mijn brieven te houden	   
    	om niet twe[e]maal een en hetselvde te herhalen.	   
    	Vrijdag hebben sij bij de heer Weerts in de Polsstraat	   
    	de glasen ingegooyt om 10 uur. Mevrouw so ver	   
    50	heen sijnde was dodelijk ontstelt. Dagt dat se beg... ..t	   
    	De schrik wierd vergroot door de troep volk die voor deur	   
    	was en waar onder een geroep was, hij sal er uit.	   
    	Sij dagten dat uit het huis geschoten was en dat	   
    	heeft sekerlijk de stille wagt gedaan. Heden is	   
    55	afgekondigt dat men oranje strikken en geen 	   
    	lissen alleen sal dragen.	   
    	Van Campen weet ik niet anders als dat J.J. O[p ten Noort]	   
    	de recommandatie reets in de sak had en uit	   
    	dien hoofde ging solliciteeren. Heb geen brieve gehad.	   
    60	De magistraat alle gekooren behalve Kroff.	   
    	En Marwede tot burgemeester verkooren.	   
    	Alles mondelijks nader. Hoop donderdag een brief	   
    	te ontfangen. Heb ook een brief van onse A[rnold] gehad.	   
    	Is wel. Sal die mede brengen.	   
    65		   
    	x) Dese mag wel een nagt weeken en in een beetje	   
    	lauw water.	 
    
    
    
    

    <<< Terug <<<



    home.deds.nl/~hdebie45/Genea